Topiramaat (Topamax)

Sinds 1 april 2003 krijgt Jake dit medicijn.

Het nieuwe anti-epilepticum topiramaat (Topamax) blijkt bijzonder effectief bij de behandeling van therapie-resistente epilepsieŽn. De keerzijde van de medaille is echter dat veel patiŽnten klachten hebben over cognitieve bijwerkingen: concentratie, spraak-stoornissen, traagheid en geheugenproblemen. In samenwerking met het Academisch Ziekenhuis in Liverpool (Prof. D. Chadwick, dr. G. Baker) en S.E.I.N. werd onderzocht in hoeverre deze cognitieve bijwerkingen inderdaad optreden in een double-blind randomized trial waarin het cognitieve profiel van topiramaat vergeleken is met valproaat. Aangetoond werd dat met een voorzichtige start met het middel en een zeer geleidelijk opvoeren van de dosis (veel geleidelijker dan tot nu toe gebruikelijk is) veel problemen vermeden kunnen worden. Verder is aangetoond dat veel van de problemen vooral in de eerste fase optreden en het functioneren na circa 6 maanden aanmerkelijk verbetert. Een derde bevinding is dat het middel een negatieve invloed heeft op de stemmingsbasis. Hoewel ook dit laatste effect tijdelijk is, leidt het tot veel klachten van patiŽnten en frequent voortijdig stoppen van de behandeling. Een publicatie is in voorbereiding. CoŲrdinatie van het project door Prof. dr. A.P. Aldenkamp.

Topiramaat is een nieuw anti-epilepticum dat als adjuvante therapie kan worden ingezet bij partiŽle epilepsie en tonisch-clonische insulten. Er is geen direct vergelijkend onderzoek beschikbaar met de andere nieuwere anti-epileptica die eveneens als adjuvante therapie kunnen worden gebruikt. Topiramaat kent weinig interacties maar het bijwerkingenprofiel is heel breed. Topiramaat is een sulfamaatgesubstitueerd monosaccharide dat moleculair structureel verschillend is van de andere anti-epileptica. De anticonvulsieve werking van topiramaat berust waarschijnlijk op de beÔnvloeding van de spanningsafhankelijke natrium- en calciumkanalen en op de versterking van de werking van gamma-aminoboterzuur. Tevens is het een zwakke glutamaatantagonist op een bepaald subtype van de glutamaatreceptor. Na orale toediening wordt topiramaat snel geabsorbeerd. Tenminste 80% wordt geabsorbeerd en binnen 2-3 uur wordt de maximale plasmaconcentratie bereikt. Voedsel vertraagt de snelheid van absorptie maar heeft geen invloed op de geabsorbeerde hoeveelheid. De plasma-eiwitbinding bedraagt 13-17%. De therapeutische plasmaconcentratie wordt na vier tot acht dagen bereikt, bij nierfunctiestoornis na tien tot vijftien dagen. De eliminatiehalfwaardetijd bedraagt 19-25 uur. De AUC en maximale plasmaconcentraties van topiramaat zijn lineair in het doseringsgebied van 100 tot 1200 mg. Of een relatie bestaat tussen bloedspiegelwaarden en therapeutisch effect is nog niet duidelijk. Uitscheiding vindt, in tegenstelling tot de meeste andere anti-epileptica, hoofdzakelijk (80%) via de nieren plaats. Binnen vier dagen wordt 65% in onveranderde vorm uitgescheiden met de urine. Bij de behandeling van refractaire partiŽle epilepsie is topiramaat effectief en veilig gebleken in verschillende, goed vergelijkbare studies. De resultaten van deze studies (in totaal 534 patiŽnten) zijn verwerkt in een meta-analyse. De toevoeging van topiramaat 200-1000 mg/dag resulteerde in reducties van tenminste 50% van de insulten (41% in de topiramaatgroep versus 10% in de placebogroep (p < 0,001)). Een vermindering van meer dan 75% van het aantal insulten trad op bij 19% van de topiramaat-behandelde patiŽnten en bij 3% van de placebo-behandelde patiŽnten (p < 0,001). Met topiramaat werd 4% van de patiŽnten aanvalsvrij tegen 0% met placebo (p < 0,01). Het aantal secundair gegeneraliseerde insulten nam af. Bij de behandeling van primair gegeneraliseerde tonisch-clonische aanvallen is in een studie bij 80 patiŽnten topiramaat 200-1000 mg/dag vergeleken met placebo. De reductie van tenminste 50% van de insulten bedroeg 56% voor de topiramaatgroep versus 20% voor de placebogroep (p = 0,001). Er zijn geen studies beschikbaar waar topiramaat wordt vergeleken met andere nieuwe anti-epileptica die net als topiramaat kunnen worden toegevoegd aan een bestaande therapie (felbamaat, gabapentine, lamotrigine, tiagabine, vigabatrine). De effectiviteit van topiramaat in de adjuvante therapie bij kinderen is in twee gerandomiseerde, dubbelblinde, placebo-gecontroleerde studies onderzocht. Bij 89 patiŽnten in de leeftijd van 1 tot 30 jaar, met het Lennox-Gastaut-syndroom, werd in een elf weken duren de studie het aantal tonisch-clonische insulten en absences gemeten. Topiramaat werd getitreerd tot een dosis van 6 mg/kg/dag. Het percentage patiŽnten dat tenminste 50% reductie van het aantal grote insulten liet zien, was 33% in de topiramaatgroep versus 8% in de placebogroep (p = 0,002). Bij 86 kinderen (2-16 jaar) met niet-controleerbare partiŽle epilepsie, al dan niet met secundaire generalisatie, werd gedurende 16 weken topiramaat of placebo aan bestaande therapie toegevoegd.[16] Topiramaat werd in acht weken getitreerd naar een dosis van 6 mg/kg/dag. Een reductie van tenminste 50% van het aantal insulten werd bij 39% in de topiramaatgroep en bij 20% in de placebogroep bereikt (p = 0,08). Een reductie van tenminste 75% van het aantal insulten werd bij 17% in de topiramaatgroep en bij 2% in de placebogroep bereikt (p = 0,02). Emotionele labiliteit, vermoeidheid, concentratieverlies en vergeetachtigheid waren de meest voorkomende bijwerkingen. Bij gezonde vrijwilligers is het effect op cognitieve functies van topiramaat, gabapentine en lamotrigine met elkaar vergeleken. Na ťťnmalige dosis, na twee en vier weken gebruik van ťťn van deze middelen, werden attentie, psychomotoriek, taal, geheugen en stemming gemeten. Topiramaat liet in tegenstelling tot de andere twee middelen, zowel acuut als op lange termijn, een verslechtering van cognitieve effecten zien.

Bijwerkingen

De meest voorkomende bijwerkingen zijn slaperigheid, duizeligheid, ataxie, verwardheid, geheugen- en concentratiestoornissen, nervositeit, paresthesie en spraakstoornissen. Verder kunnen ook optreden abnormaal zicht, afasie, agitatie, vermoeidheid, amnesie, anorexie (10-20%), depressie, diplopie, emotionele labiliteit, psychose,[19] misselijkheid, nierstenen (1,5%), nystagmus en smaakverandering. Het bijwerkingenprofiel is hoofdzakelijk gerelateerd aan het centraal zenuwstelsel. Anti-epileptica hebben enerzijds dempende effecten die gerelateerd kunnen worden aan het versterken van de GABA-inhibitoire werking, anderzijds activerende effecten die mogelijk gerelateerd zijn aan de remming van glutamaat-neurotransmissie. Topiramaat dat via beide aangrijpingspunten zijn werking uitoefent, zou daardoor een breder bijwerkingenprofiel kunnen hebben dan andere anti-epileptica. Om het aantal bijwerkingen beperkt te houden is de benadering 'start low, go slow' van belang. Enzyminducerende middelen als carbamazepine en fenytoÔne kunnen het metabolisme van topiramaat versnellen. De toevoeging of stopzetting van fenytoÔne of carbamazepine kan een aanpassing van de dosering topiramaat vereisen. In zeldzame gevallen kan topiramaat de plasmaconcentratie van fenytoÔne verhogen met 25%. ValproÔnezuur heeft geen klinisch-significant effect op de plasmaconcentratie van topiramaat. De plasmaconcentratie van ethinylestradiol wordt verlaagd. Een anticonceptivum dient bij een behandeling met topiramaat minimaal 50 mcg oestrogeen te bevatten. De biologische beschikbaarheid van digoxine kan afnemen. Bij staken van topiramaat moet hiermee rekening worden gehouden. Voorzichtigheid is geboden bij nierfunctiestoornissen en predispositie voor nierstenen. Topiramaat kan het reactievermogen beÔnvloeden.

Zwangerschap en borstvoeding

Bij de mens is een verhoogde frequentie van misvormingen gevonden na gebruik van topiramaat tijdens de eerste drie maanden van de zwangerschap. Het is niet bekend of topiramaat overgaat in de moedermelk. Bij ratten is dit wel het geval. Het gebruik van topiramaat bij zwangerschap en lactatie moet daarom worden afgeraden. De dosis moet op geleide van de klinische respons en de verdraagzaamheid worden opgehoogd. Hiervoor zijn titratieschema's beschikbaar. Het is belangrijk om met een lage dosis te beginnen (25 mg). Vervolgens wordt opgehoogd volgens een snel schema (100 mg/week) of een langzaam schema (25-50 mg/week). De snelheid van titratie zou geen effect hebben op de aanvalsreductie maar wel op het bijwerkingenprofiel. De uiteindelijke onderhoudsdosering komt neer op 200-400 mg voor volwassenen, verdeeld over twee doses per dag. De maximale dosering is 800 mg twee maal per dag.

Conclusie

Topiramaat moet gezien worden als een reservemiddel dat toegevoegd kan worden aan de therapie van moeilijk behandelbare vormen van epilepsie. De behandeling van deze vormen van epilepsie is voorbehouden aan specialisten. Voor een succesvolle behandeling wordt de effectiviteit van een middel afgezet tegen het optreden van bijwerkingen. Op basis van de huidige onderzoeksgegevens lijkt dat voor topiramaat gunstig uit te vallen. In de klinische studies is echter de nadruk gelegd op het terugbrengen van het aantal insulten. De succesrate om patiŽnten daadwerkelijk aanvalsvrij te maken is nog gering. Daarentegen is het bijwerkingenprofiel breed. Hoe het bijwerkingenprofiel zich op de lange termijn ontwikkelt (vergelijk vigabatrine), moet worden afgewacht. Het farmacokinetische profiel van topiramaat is gunstig. Helaas zijn de effectiviteit en veiligheid ten opzichte van andere anti-epileptica in direct vergelijkend onderzoek nog niet vastgesteld. Topiramaat komt daarom pas in aanmerking wanneer bestaande middelen niet voldoende werkzaam zijn.

Productinformatie:

Topamaxģ, Janssen-Cilag, 1999. Elterman RD, Glauser TA et al. A double-blind, randomized trial of topiramate as adjunctive therapy for partial-seizures in children. Topiramate YP Study Group. Neurology 1999 Privitera M, fincham R et al. Topiramate placebo-controlled dose-ranging trial in refractory epilepsy using 600-, 800-, and1000-mg daily dosages. Topiramate YE Study Group. Neurology 1996.


Zarontin - Ethymal

Sinds 19 mei 2003 krijgt Jake dit medicijn.

Kwalitatieve en kwantitatieve samenstelling

Bevat 250 mg ethosuximide per capsule en 50 mg ethosuximide per ml stroop.
Farmaceutische vorm : Capsules en stroop.

Therapeutische indicaties

Zarontin/Ethymal is bestemd voor de behandeling van petit mal aanvallen (absences).

Dosering en wijze van toediening

Het gebruik van Zarontin dient niet plotseling te worden gestopt, omdat dit een aanval kan uitlokken. Bij kinderen boven de 6 jaar en volwassenen is de aanvangsdosis 500 mg (2 capsules of 10 ml stroop) per dag. Deze dosis dient op basis van de reactie van de patiŽnt geleidelijk te worden verhoogd met 250 mg om de 4-7 dagen tot maximaal 1,5-2 g per dag, verdeeld over 3-4 doseringen (6-8 capsules of 30-40 ml stroop). Dosering bij kinderen t/m 6 jaar. De aanvangsdosering bij kinderen van 3-6 jaar is 250 mg (1 capsule of 5 ml stroop) per dag. Bij kinderen beneden de 3 jaar dient deze dosering evenredig te worden verlaagd. Bij kinderen beneden de 6 jaar is de maximale dagdosis 1 gram, verdeeld over 2-4 doseringen (4 capsules of 20 ml stroop).

Contra-indicaties

Overgevoeligheid voor ethosuximide of andere succinimiden. Overgevoeligheid voor overige bestanddelen van Zarontin.

Speciale waarschuwingen en bijzondere voorzorgen bij gebruik

Bij sommige patiŽnten die lijden aan verschillende vormen van epilepsie kan Zarontin, wanneer het alleen wordt toegepast, de frequentie van grand mal aanvallen verhogen. Voorzichtigheid is geboden bij patiŽnten met lever- of nierfunctiestoornissen. Het verdient daarom aanbeveling bij deze patiŽnten regelmatig bloed- en urineonderzoek (o.a. ASAT en ALAT alsmede albumine in de urine) uit te voeren. BloeddyscrasieŽn waaronder met fatale afloop zijn waargenomen. Periodiek bloedonderzoek zoals bloedceltellingen, inclusief bloedplaatjes dient te worden uitgevoerd. (Zie ook rubriek Bijwerkingen).

Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie

Indien Zarontin in combinatie met andere anti-epileptica wordt toegediend, dient de dosering geleidelijk te worden verminderd afhankelijk van de reactie van de patiŽnt. Ethosuximide geeft interacties met andere anti-epileptica zoals fenytoÔne en valproÔnezuur. Regelmatige bepalingen van de serumconcentraties van de afzonderlijke stoffen wordt aangeraden. De bloedspiegel van ethosuximide kan verhoogd worden door isoniazide. Het gelijktijdig gebruik van Zarontin en alcohol of stoffen met sedatieve eigenschappen dient te worden vermeden teneinde depressie van het CZS te voorkomen.

Gebruik bij zwangerschap en het geven van borstvoeding

Over het gebruik van deze stof in de zwangerschap bij de mens bestaan onvoldoende gegevens om de mogelijke schadelijkheid te beoordelen. In dierproeven is het geneesmiddel schadelijk gebleken. Bij zwangerschap en zwangerschapswens dienen risico voor de vrucht en voordeel voor de patiŽnte tegen elkaar te worden afgewogen. Ethosuximide gaat over in de moedermelk. Bij zwangerschap en borstvoeding slechts gebruiken na overleg met de arts.

BeÔnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te gebruiken

Het reactievermogen kan nadelig worden beÔnvloed, waardoor voorzichtigheid is geboden bij bijvoorbeeld autorijden en andere bezigheden die een potentieel gevaar inhouden.

Bijwerkingen

De volgende bijwerkingen kunnen voorkomen: slaperigheid, duizeligheid, hoofdpijn, misselijkheid, diarree, anorexia, gewichtsverlies, zeer zelden is melding gemaakt van myopie en huiduitslag. Soms ontstaan psychotische reacties, die o.a. gekenmerkt kunnen worden door hallucinaties. Na overdosering is een enkele maal een toxisch choreatisch syndroom waargenomen. Zeldzame gevallen van veranderingen in het bloedbeeld - aplastische anemie, agranulocytose, pancytopenie, eosinofilie en leukopenie zijn vermeld. Enkele gevallen van systemische lupus erythematosus (SLE) en Stevens-Johnsonsyndroom zijn waargenomen.

Overdosering

Symptomen kunnen bestaan uit misselijkheid, braken, hoofdpijn, duizeligheid, anorexia, ataxie, tremoren, (motorische) onrust, choretiforme bewegingen, CZS-depressie (leidend tot coma), hypotensie en ademhalingsdepressie. Vanwege de lange halfwaardetijd kunnen effecten lang aanhouden. Tevens kunnen lever- en nierbeschadiging optreden. Idiosyncratische reacties kunnen bestaan uit huiduitslag, erytheem, bloeddyscrasieŽn, allergische reacties, systemische lupus erythematosus, gedragsveranderingen en psychosen. Absorptie kan voorkomen worden door het opwekken van braken of maagspoelen, gevolgd door toediening van geactiveerde kool (adsorbens) en natriumsulfaat (laxans). Opname op de intensive care is geÔndiceerd. Hemodialyse kan zonodig worden toegepast. De behandeling dient verder ondersteunend en symptomatisch te zijn.

Farmacodynamische eigenschappen

Ethosuximide is een anti-epilepticum uit de groep van de succinimiden. Ethosuximide is vooral geschikt bij de behandeling van patiŽnten met petit mal aanvallen (absences). Ethosuximide kan ook gecombineerd worden met andere anti-epileptica uit verschillende groepen. Het werkingsmechanisme van ethosuximide is niet bekend.

Farmacokinetische eigenschappen

Ethosuximide wordt goed geabsorbeerd en bereikt piekserumconcentraties binnen 3 uur. De plasmahalfwaardetijd bedraagt bij volwassenen circa 60 uur en bij kinderen circa 30 uur. Effectieve serumconcentraties liggen tussen 40-100 Ķg/ml. Ethosuximide wordt gemetaboliseerd met als voornaamste metaboliet N-desmethylmesuximide en voor ongeveer 20 % onveranderd uitgescheiden via de nieren. De eiwitbinding is van geen klinische betekenis.

Lijst van hulpstoffen

Capsule: polyethyleenglycol, gelatine en glycerol. Stroop: water, glycerol, frambozenolie, natriumbenzoaat, natriumcitraat, saccharoÔdenatrium, saccharose, citroenzuur.

Houdbaarheid:

3 jaar.

Speciale voorzorgsmaatregelen bij opslag

Capsules: bij kamertemperatuur (15-25įC) in een droge omgeving bewaren. Buiten het bereik van kinderen houden. Stroop: bij kamertemperatuur (15-25įC) in een droge omgeving bewaren. Buiten het bereik van kinderen houden.

Inhoud van de verpakking:

Capsules: HDPE pot met 100 capsules. Stroop: glazen flacon ŗ 200 ml.




Keppra

Sinds begin 2004 krijgt Jake dit medicijn.

Het medicijn is geregistreerd voor volwassenen van af 16 jaar en nog niet voor kinderen onder de 16. Het medicijn is een filmomhulde tablet. Dit omhulsel lost langzaam op omdat het de bedoeling is dat de inhoud pas in de maag vrij komt en dan zijn werk gaat doen. Als de tablet wordt gebroken gaat deze functie verloren.

De werkzame stof in Keppra is Levertiracetam. De andere stoffen (bestanddelen) in Keppra zijn: MaÔszetmeel, Povidon K30, Talk, ColloÔdaal silicium dioxide,Magnesiumstearaat.

Het omhulsel van de tablet bestaat uit Opadry 05-F-32867 Hypromellose, Macrogol 4000, Titaandioxide (E171), Indigokarmijn (E132), geel ijzeroxide (E172). Het zijn langwerpige tabletten en kleur aan de buitenkant is blauw.

Keppra is bestemt voor de behandeling van partieel beginnende aanvallen bij mensen met epilepsie die al gebruik maken andere medicijnen tegen epilepsie.(ad on)

De tabletten zijn langwerpig en geel van kleur met aan een zijde een ingeslagen code. Neem de tablet met voldoende water in en doe dat regelmatig (altijd op de zelfde tijd) Pas op als je nier- of leverproblemen hebt, meld dit altijd aan je arts zodat de dosis kan worden bijgesteld (als dat nodig is).

Omdat Keppra vooral in het begin van de behandeling en ook als de dosis wordt verandert vaak slaperigheid veroorzaakt is het rijden in een auto in die periode af te raden. Ook bij het bedienen van machines moet je dan extra voorzichtig zijn.

Als je zwanger bent of als je denkt dat je zwanger bent of als je het wil worden neem dan geen Keppra, tenzij het absoluut noodzakelijk is. Ook het geven van borstvoeding wordt niet aanbevolen. Als je andere medicijnen gebruikt zeg dat dan even tegen je arts zodat hij/zij er rekening mee kan houden.

Bijwerkingen die veel zijn gemeld zijn slaperigheid en vermoeidheid, andere mogelijke bijwerkingen die voor kunnen komen zijn hoofdpijn, een draaierig en wankel gevoel, slapeloosheid, depressie, beven van handen of voeten, dubbelzien, huiduitslag, diaree en verlies van eetlust. Deze bijwerkingen komen niet bij iedereen voor maar zijn wel een keer gemeld in de periode dat het middel is uitgeprobeerd.



© Copyright 2004. All rights reserved.